Het is maandagochtend, iets na zeven. De winkelvloer is nog leeg, maar het personeel staat paraat om de nieuwe levering uit te pakken. Alles moet netjes in de rekken liggen tegen openingstijd. Alleen… er komt geen vrachtwagen. Niet om 7 uur, niet om 8 uur. Om 9 uur gaan de deuren open, maar de levering laat op zich wachten tot 11 uur. En als hij er dan eindelijk is, blijkt er ook nog eens een deel van de bestelling te ontbreken.
Voor veel retailers is dit helaas geen uitzondering, maar wekelijkse kost. En het wrange is: in hun rapportage staat alles ‘onder controle’. Tot je naar één specifieke KPI kijkt: OTIF. Deze KPI (On-Time In-Full) vertelt of je distributie écht werkt. Of je leveringen op tijd komen. Of alles wat werd besteld, ook effectief geleverd werd. En of je keten doet wat je belooft.
In deze blog ontdek je waarom OTIF dé maatstaf is voor leverbetrouwbaarheid in retail, hoe het zich verhoudt tot Fill Rate, en wat je kunt doen om boven de magische grens van 95% uit te komen.
Wat betekent OTIF in retail?
OTIF staat voor On-Time In-Full. De definitie is eenvoudig: werd de bestelling op tijd geleverd, en zat alles erin wat besteld werd? Alleen als beide waar zijn, telt de levering als geslaagd.
Is je levering één doos te kort? Geen OTIF. Is ze vijf minuten te laat? Ook geen OTIF.
Het klinkt streng, maar net dat maakt het zo waardevol. OTIF geeft je een eerlijke en harde score op leverbetrouwbaarheid. Geen excuses, geen interpretatie, alleen feiten.
Waarom OTIF zo belangrijk is voor leverbetrouwbaarheid
Retail draait om timing. Een levering die te laat of incompleet aankomt, verstoort méér dan je supply chain. Het raakt je winkelteams, je voorraad, je klanten én je omzet.
Stel: je hebt een promo ingepland. Posters hangen, social posts staan klaar. Maar de levering is te laat. Je personeel moet improviseren en klanten staan voor lege rekken. Resultaat: gemiste verkoop, frustratie op de vloer en een merk dat wat glans verliest.
Een hoge OTIF-score garandeert rust in je keten. Winkels kunnen plannen. Je klant vertrouwt op beschikbaarheid. En jij vermijdt het domino-effect van fouten.
OTIF vs Fill Rate: wat is het verschil?
Waar OTIF kijkt naar het geheel (was de levering correct, ja of nee), gaat Fill Rate dieper. Die KPI meet hoeveel er precies geleverd werd. Denk aan percentages van de bestelde aantallen.
Bijvoorbeeld: Je bestelt 100 stuks, je krijgt er 90 → Fill Rate: 90%. Je bestelling komt op tijd, maar mist 1 doos → Geen OTIF, wél een hoge Fill Rate. Waarom is dat belangrijk? Omdat Fill Rate nuance toevoegt aan je OTIF-cijfers. Heb je een OTIF van 85%, maar een Fill Rate van 95%? Dan weet je: het probleem zit eerder in timing dan in voorraad. Wie OTIF echt wil verbeteren gebruikt beide cijfers samen: OTIF om te meten, Fill Rate om te begrijpen.
Wat is een goede OTIF-score?
Het korte antwoord: minstens 95%.
Waarom? Omdat pas vanaf dat punt je winkels echt kunnen vertrouwen op leveringen. En dat vertrouwen vertaalt zich in minder veiligheidsvoorraad, snellere rotatie, minder ad-hoc werk en een betere winkelervaring.
De benchmark verschilt per sector:
Hoe verbeter je je OTIF-score?
Een goede OTIF-score ontstaat niet toevallig. Ze is het resultaat van keuzes: in processen, afspraken en technologie.
Wat écht verschil maakt:
